“De Kitáb-i-Aqdas” van Baháʼu'lláh is een religieuze tekst die in 1873 werd geschreven. Dit werk, dat wordt beschouwd als de centrale schriftuur van het baháʼí-geloof, legt wetten en grondbeginselen voor een nieuwe religie vast. Het boek werd in het Arabisch geschreven toen Baháʼu'lláh in Akko verbleef en behandelt gebed, vasten, huwelijk en erfenis, terwijl het ook toekomstige religieuze instellingen en sociale beginselen schetst. Het wordt beschreven als “het Moederboek” en als “Handvest van de toekomstige wereldbeschaving” en presenteert zijn leringen aan de hand van korte beginselen in plaats van een verhaal, waarbij het zowel richtlijnen voor individueel gedrag als voor collectieve organisatie biedt.
Wikipedia-pagina over dit boek: en.wikipedia.org/wiki/Kit%C3%A1b-i-Aqdas